Ga naar de inhoud

Slimme oplossingen

Verborgen ladekast in een trap – zo pak je dat aan

Onder bijna elke trap zit ruimte die je niet gebruikt. Vaak staat er een stofzuiger, een paar schoenen en een doos waarvan niemand meer weet wat erin zit. Een verborgen ladekast in de trap haalt daar veel meer uit. Je trekt een trede open en er rolt een diepe lade naar voren, precies op de plek waar eerst alleen stof lag. Het ziet er slim uit en het is ook slim, maar alleen als je trap zich ervoor leent en je de klus goed voorbereidt.

Past dit wel bij jouw trap?

Niet elke trap is geschikt. Een open trap met losse treden en niets eronder valt meteen af, want daar is geen ruimte om laden in te hangen. Wat wel werkt, is een dichte trap of een blokketrap: een trap met stootborden en een afgesloten ruimte eronder. Ook een trap waarvan de onderkant al is dichtgetimmerd tot een kast, heeft vaak genoeg holle ruimte.

Kijk eerst goed hoe de trap in elkaar zit. Haal een plint weg of open een bestaand kastdeurtje en schijn met een zaklamp naar binnen. Je wilt weten waar de trapbomen lopen, of er dwarsregels zitten en of er leidingen of kabels door de ruimte gaan. Wat vaak misgaat, is dat iemand enthousiast begint te zagen en daarna pas ziet dat er een elektrakabel tegen de achterkant van een stootbord ligt.

De constructie blijft heel

Dit is het belangrijkste punt van het hele project. Een trap draagt elke dag het gewicht van iedereen in huis, soms met een volle wasmand of een verhuisdoos erbij. De trapbomen, de dragende balken aan weerszijden, laat je volledig met rust. Je zaagt er niet in, je haalt er geen hout uit en je gebruikt ze niet als steun voor zware laden zonder dat je weet wat ze aankunnen.

De laden komen in een eigen frame dat los onder de trap staat of op de vloer rust. De trap zelf blijft precies zoals hij was. Twijfel je over hoe jouw trap gebouwd is, bijvoorbeeld omdat het een oudere trap is of omdat er al eerder aan gesleuteld is? Laat dan een timmerman meekijken voordat je iets opent. Een uurtje advies kost minder dan een trede die later gaat kraken of doorbuigen.

Maatvoering per trede

Bij een gewone kast meet je één keer en ben je klaar. Onder een trap is elke plek anders. De ruimte onder de onderste trede is laag en ondiep, verderop wordt hij hoger en dieper. Werk daarom per trede en schrijf alles op een schets.

Wat je per positie meet:

  • de breedte tussen de trapbomen, op meerdere hoogtes, want die is niet altijd overal gelijk
  • de hoogte van de opening, van vloer tot onderkant trede
  • de diepte tot het punt waar de schuine onderkant van de trap in de weg komt
  • de positie van eventuele dwarsregels of leidingen

Die laatste diepte is de lastige. Omdat de trap schuin loopt, kan een lade onder een hoge trede vaak veel dieper zijn dan onder een lage. Rechte laden die iets minder diep zijn dan de maximale ruimte, werken in de praktijk prima.

Houd rondom de lade wat speling aan. Een paar millimeter aan elke kant voorkomt dat de lade gaat klemmen als het hout wat uitzet door vocht.

Ladegeleiders kiezen

De geleiders bepalen hoe prettig de lade later loopt. Voor diepe laden onder een trap kies je volledig uittrekbare geleiders, anders kun je niet bij de achterkant. Let op twee dingen: de lengte van de geleider moet passen bij de diepte van je lade, en het draagvermogen moet ruim genoeg zijn voor wat je erin wilt bewaren. Schoenen en sjaals wegen weinig, maar een lade vol gereedschap of blikken is een ander verhaal.

Zij- of ondermontage

Zijmontage is het eenvoudigst. De geleiders komen tegen de zijkant van de lade en tegen het frame. Ondermontage ziet er strakker uit omdat je niets ziet als de lade openstaat, maar vraagt preciezer werk. Voor een eerste project is zijmontage vergevingsgezinder.

Wil je geen greep op de voorkant? Dan kun je drukopeners gebruiken, zodat de lade opent als je er even tegen duwt. Dat houdt het verborgen effect intact.

Bouwen in stappen

Een werkbare volgorde ziet er zo uit:

  1. Maak de ruimte leeg en open de zijkant van de trap waar de laden komen. Verwijder de bestaande beplating voorzichtig, zodat je hem eventueel kunt hergebruiken als front.
  2. Bouw per lade een stevig frame van multiplex of geschaafd vurenhout dat op de vloer staat.
  3. Monteer de geleiders in het frame, waterpas en exact evenwijdig. Een paar millimeter scheef en de lade loopt stroef.
  4. Maak de laden zelf, met een bodem van multiplex die in een sponning valt in plaats van eronder geschroefd.
  5. Zet de fronten als laatste, zodat je ze kunt uitlijnen met de treden erboven.

Die laatste stap maakt het verschil tussen een kast die opvalt en een die echt verborgen is. Als de naden van de fronten in lijn liggen met de lijnen van de trap, zie je bijna niet dat er iets achter zit.

Veiligheid en afwerking

Werk je met een cirkelzaag of decoupeerzaag in een krappe ruimte, zet dan een veiligheidsbril op en zorg dat je goed kunt staan. Onder een trap zit je al snel in een onhandige houding. Laat de laden niet te ver uitsteken in een looproute, zeker niet onderaan de trap waar mensen in het donker langs lopen.

Werk de fronten af in dezelfde kleur als de rest van de trap. Wil je eerst zien hoeveel opbergruimte je onder een trap kunt maken met deuren en vakken in plaats van laden, kijk dan eens naar deze trapkastoplossing met zes extra opbergruimtes.

Een ladekast in de trap is geen klusje voor één middag, maar het resultaat gebruik je elke dag. Neem de tijd voor het meten, laat de dragende delen ongemoeid en vraag hulp als je twijfelt. Dan heb je straks een trap die meer doet dan alleen naar boven leiden.

Berichten

Lees ook