Ga naar de inhoud

Verbouwing in beeld

Voor en na: deze bijkeuken werd een thuiskantoor

Neem een typische bijkeuken in een rijtjeshuis. Een smalle ruimte achter de keuken, een wasmachine en droger op elkaar, een rek met schoonmaakspullen, jassen aan een haak en een vloer waar altijd wel een tas met lege flessen staat. Tegelijk zit je met je laptop aan de eettafel, omdat er nergens anders een plek is. Dan ligt de vraag voor de hand: kan die bijkeuken niet gewoon een werkplek worden? Dat kan, maar het vraagt wat meer dan een bureau tegen de muur schuiven. In dit voorbeeld lopen we stap voor stap door wat er verandert tussen voor en na.

Een bijkeuken is meestal ontworpen als doorgangsruimte. Er is een buitendeur, een plafondlamp, één of twee stopcontacten voor de wasmachine en vaak een tegelvloer die koud aanvoelt. Niemand blijft er langer dan nodig is. Juist daardoor wordt het snel een opslagplek voor alles wat elders in huis geen plek heeft.

Wil je er een paar uur per dag zitten, dan moet je anders naar de ruimte kijken. Wat vaak misgaat, is dat mensen meteen meubels gaan kopen voordat ze de basis op orde hebben. Begin daarom bij de dingen die je later niet meer ziet: lucht, stroom en licht.

Vocht en ventilatie eerst

Een wasmachine en vooral een droger geven vocht af. In een kleine ruimte merk je dat aan beslagen ramen, een muffe geur en soms schimmel in de hoeken. Voor een werkplek is dat geen goed idee, voor jezelf niet en voor je apparatuur ook niet.

Een paar dingen die helpen:

  • Kies bij voorkeur een condensdroger of warmtepompdroger, of zorg dat een afvoerdroger echt naar buiten afvoert.
  • Laat de mechanische ventilatie controleren en zet een afzuigpunt in de bijkeuken op een hogere stand tijdens het wassen en drogen.
  • Heb je geen mechanische ventilatie, overweeg dan een ventilatierooster in het raam of de buitendeur.
  • Laat de wasmachinedeur na gebruik op een kier staan, zodat er niets blijft broeien.

Stroom en netwerk: laat het goed aanleggen

In bijna elke bijkeuken zijn te weinig stopcontacten voor een werkplek. Laptop, beeldscherm, lamp, telefoonlader, misschien een printer: je zit al snel aan vijf of zes aansluitingen. Een rij verlengsnoeren onder het bureau naast een wasmachine is geen fijne combinatie.

Laat extra groepen en stopcontacten aanleggen door een erkend installateur. Die kijkt ook of de wasmachine en droger op een eigen groep staan, zodat je niet bij elke centrifuge-ronde je werk kwijtraakt door een uitgeslagen stop. Vraag meteen naar een netwerkkabel vanaf de router. Wifi reikt vaak minder goed tot achter in huis, zeker door een keukenwand met apparatuur erin. Een vaste kabel geeft rust bij videogesprekken en kost weinig extra als de installateur toch al bezig is.

Licht: van één plafondlamp naar een prettige werkplek

De meeste bijkeukens hebben een klein raam of alleen glas in de buitendeur. Daglicht is fijn, maar plaats je beeldscherm niet zo dat het raam er recht achter of recht tegenover zit. Zijdelings licht werkt het best en voorkomt verblinding en reflectie.

Licht in lagen

Eén lamp in het midden van het plafond geeft schaduw precies op je bureau. Werk daarom met lagen:

  • algemeen licht aan het plafond, bij voorkeur wat egaal en niet te fel
  • een bureaulamp of een lichtlijn onder een plank boven het werkblad
  • eventueel een kleine sfeerlamp voor de avonduren

Kies voor het werklicht een wat neutralere lichtkleur en voor de rest warmer licht. Dan voelt de ruimte overdag helder en ‘s avonds minder als een werkplaats.

Akoestiek: een harde ruimte zachter maken

Tegels, een stenen vloer, kale muren en een metalen apparaat: een bijkeuken galmt. Je merkt dat vooral in online vergaderingen, waar je collega’s je stem hol horen klinken. Gelukkig hoef je geen professionele akoestische panelen op te hangen om verschil te merken.

Een vloerkleed onder het bureau doet al veel. Gordijnen voor het raam of de deur, een prikbord van vilt of kurk aan de muur en gevulde kasten breken het geluid ook. Een gesloten kast met spullen erin dempt meer dan je zou denken. Zet de wasmachine niet aan tijdens een belangrijk gesprek, en leg eventueel een trillingsdempende mat onder de machine.

Opbergen achter deuren

Dit is misschien wel de grootste stap tussen voor en na. Een thuiskantoor waar je tegen wasmiddel en een stofzuiger aankijkt, voelt niet als een werkplek. De oplossing is een wand met kasten tot aan het plafond, met de wasmachine en droger erin weggewerkt achter deuren of een schuifpaneel.

Waar je op let

  • Laat ruimte rond de apparaten voor luchtcirculatie en om ze ooit te kunnen vervangen.
  • Gebruik kastdeuren met ventilatieopeningen of een open rand aan de boven- of onderkant.
  • Maak een aparte kast voor schoonmaakspullen, een voor jassen en schoenen en een voor kantoorspullen.
  • Houd het bureaublad zelf leeg, op de spullen die je dagelijks gebruikt na.

Heb je nog een trapkast in huis die nu half leeg staat? Dan kun je daar een deel van de bijkeukenspullen kwijt, zoals in deze trapkast-oplossing.

Het na-beeld: klein maar af

In het eindresultaat van zo’n scenario zie je een strakke kastenwand waar de apparaten achter verdwijnen, een werkblad onder het raam, een fijne stoel en een vloerkleed op de tegels. Een lamp boven het blad, een tweede op de kast. De buitendeur blijft gewoon in gebruik, maar jassen en schoenen hebben nu een eigen vak. Je hoort de wasmachine nog wel, maar niet meer tijdens werktijd.

Wat je aan zo’n ombouw overhoudt, is vooral rust. Je klapt aan het eind van de dag je laptop dicht en loopt de ruimte uit, in plaats van dat je werkspullen de eettafel blijven bezetten. Begin bij ventilatie en elektra, neem de tijd voor de kastenwand en laat de inrichting daarna gerust een tijdje groeien. Een bijkeuken wordt geen kantoor in een weekend, maar het verschil voel je elke dag.

Berichten

Lees ook